Geachte raadsleden,

Wijk bij Duurstede, 11 juli 2021. Het amendement van de SP, ingediend op 6 juli, komt sympathiek over, maar we willen de raad toch op de werkelijkheid van de uitvoering attenderen: In dit amendement wil de SP de kostenstijging van minimaal € 250.000,- (nu al € 195.000,- plus € 36.000,-) verrekenen in de huurprijs van huurders/gebruikers. Deze huurders/gebruikers zijn tot op heden:

  • Het Dorestad museum (jaarlijkse gemeentelijke subsidie tot op heden € 42.350,-). Het Dorestad museum zal nooit in staat zijn zonder uitgebreide subsidie zelf de huidige huurprijs op te brengen. Daarnaast is bekend dat de toekomst van kleinschalige thema-musea uiterst onzeker is. (*zie aantekening hieronder).
  • De VVV (jaarlijkse subsidie € 30.263,-; huurinkomsten € 6.588, jaarverslag 2019) De VVV is als non profit organisatie, een allesbehalve kapitaalkrachtige huurder. Naast het wegvallen van de inkomsten uit de verkoop van staatsloten (en dus wegvallen van bezoek dienaangaande) zal door verdere digitalisering van toeristeninformatie de behoefte aan een bezoek aanzienlijk teruglopen. Ook daarvan is de toekomt ongewis.
  • Gemeente (exploitatie bij 24 huwelijken à € 650,- is € 15.600,-) Wat de verhuur trouwlocatie/raadszaal betreft, de gemeente betaalt geen huur want is immers eigenaar.

Groen Links denkt ter ondersteuning van dit amendement met een uiterst subjectief en emotioneel betoog de kosten van minimaal € 600.000,- voor de risicovolle aanbouw te kunnen rechtvaardigen. Ongehoord!

Opportunistisch als de wethouder en het bestuur van het museum zijn, zullen ze zeker met dit amendement akkoord gaan, Ze weten dat ze nooit aan deze extra financiële voorwaarden kunnen en zullen voldoen maar dat is van latere zorg… Het opportunisme blijkt ook weer uit de behandeling (beroepsprocedure) van bezwaren van omwonenden. Pas op 23 september wordt het beroep behandeld. Vóór die tijd is bouwen niet mogelijk, want wat als de beroepsprocedure van de familie Peek wel succesvol is? Wat zijn dan de gevolgen?

De wethouder claimt dat het pand geschikt moet worden gemaakt voor huurders in het algemeen. Deze stellen echter niet zulke eisen aan de aanbouw. Waarom zouden ze als hun bezoekersaantallen beduidend minder zijn.

De aanpassing voor het museum is eveneens voor andere huurders volledig ongeschikt (met name de aanpassing van de bovenste verdieping en de zolder). Dat zal, na vertrek museum, aangepast moeten worden. Wie betaalt dat? Het is vreemd dat juist de SP, die zich altijd sterk maakt voor het verantwoord besteden van gemeenschapsgeld zich laat verleiden tot het doorschuiven van onverantwoord hoge kosten. Wat met de gewenste brede school? Wat met de wens voor een zwembad? Hoe is zo’n amendement in dat kader mogelijk?

Wie weet helpen deze feitelijkheden met de besluitvorming en blijft de SP bij haar principes. (zie ook de website van Schil met Pit: www.schilmetpit.nl ; “Kost wat kost geen verminking Stadhuis”- reminder aan fracties)

Met vriendelijke groeten, namens Schil met Pit

  • Paul Heijmans
  • Martha de Wit
  • Lex Herold
  • en namens binnenstadbewoners, die met eigen (financiële) middelen sfeerbepalende panden in de binnenstad restaureren en onderhouden

* Samenvatting “Toekomst verkenning Nederlandse musea” van de Nederlandse museum vereniging agenda 2026) https://www.museumvereniging.nl/media/publicationpage/publicationFile/agenda-2026-pdf-def.pdf

Kleine musea

Het aantal kleine musea zal waarschijnlijk afnemen. Deze categorie musea gaat het zwaar krijgen. Alleen de sterken met een duidelijk eigen profiel, product en een sterke achterban, zullen overeind blijven. Van veel kanten komt er druk. Hoewel deze musea zullen profiteren van de pensionerende babyboomgeneratie, in bezoekcijfers maar ook in aantallen vrijwilligers en vrienden waar deze musea vooral bij bestaan, is de kans dat zij mee kunnen gaan in de ontwikkeling die musea doormaken om het publiek tevreden te stellen niet altijd even groot. Uit het oogpunt van beschikbare middelen alleen al is digitalisering niet altijd een optie, en het toepassen van nieuwe technieken evenmin. Kleine musea komen voor de keuze tussen twee profielen te staan: het authentieke, ‘ouderwetse’ museum of juist het verrassende eigentijdse museum. Een tussenweg lijkt weinig kans te maken bij het toekomstige publiek. Ook de sociale netwerken en communities waar juist kleine musea het van moeten hebben, vragen om een duidelijk profiel dat een gevoel van collectief eigendom voedt en versterkt.

Lees ook:

 

Gratis nieuwsbrief

Aanmelden of afmelden

De nieuwsbrief wordt dagelijks na 18.00 uur gemaild.
captcha